Fotograaf Maas maakt van grofvuil nieuw kunstproject

Fotograaf Maas maakt van grofvuil nieuw kunstproject
Foto: George Maas
STAD Veel mensen zetten hun oude bank bij het grofvuil. Fotograaf George Maas geeft deze afgedankte meubelstukken een nieuw leven: mens kleedt zich met meubelstuk oftewel ameublemens.

STAD Veel mensen zetten hun oude bank bij het grofvuil. Fotograaf George Maas geeft deze afgedankte meubelstukken een nieuw leven: mens kleedt zich met meubelstuk oftewel ameublemens.

’Ik fotografeer al zeker 10 jaar lang afgedankte banken en andere zitmeubels als die als grofvuil langs de weg staan. Maar wist nog niet wat ik ermee moest doen. Op een gegeven moment had ik er 150 gefotografeerd en ben ik ermee gestopt’, verklaart de fotograaf.

Waarom die fascinatie met banken? Maas lacht: ’Bijna iedereen heeft er een. In het begin fonkelt hij in de woonkamer als een nieuwe vriend. Later wordt het een trouwe metgezel die de mens in ruste moet ondersteunen. Totdat hij wordt afgedankt en bij het grofvuil belandt. Veel te opvallend om niet in de weg te staan en vaak te ‘beschadigd’ waardoor hij maar zelden een tweede kans krijgt om in een ander huishouden een nieuw leven te beginnen.’

Pas toen zijn vrouw op naailes ging en thuis patronen zat te knippen, kreeg hij het idee voor dit nieuwe project. ’Ineens zag ik de connectie tussen mens en bankstel of stoel. Waarom niet als afscheid, en laatste geste, een naaipatroon uit het ameublement knippen en de mens als paspop fotograferen naast zijn trouwe dienaar voordat deze wordt afgevoerd en vernietigd. Ik noem het ‘interactieve straatfotografie’, met voorbijgangers.’

Voor zijn project rijdt Maas vaak door de stad, elke keer een andere route in de hoop een gedumpt bankstel of ander zitmeubel te treffen. Als ik wat zie stop ik gelijk en knip er een patroon uit dat ik nog niet heb. Dat kan van alles zijn: van een das, tot een broek of jurk. Ik heb een keer zelfs een hoedje gemaakt en snel aan elkaar genaaid.’

Hierna begint het – soms ellenlange- wachten. ’Dat kan inderdaad soms wel héél lang duren’, zegt Maas. En niet iedereen is direct enthousiast. ’Vooral vrouwen vinden het vies en willen niet meedoen. Vandaar dat ik alleen mannen heb gefotografeerd. Op een gegeven moment heb ik er wel een oog voor ontwikkeld. Als ik een voorbijganger zie vraag ik of hij het patroon ’symbolisch’ wil aantrekken. Dit levert leuke beelden op.’

In de afgelopen twee jaar heeft Maas 25 mannen gefotografeerd. Inmiddels is er een expositie in café De Engelbewaarder. Daar zijn 18 foto’s te zien.

Het project heeft zich in die twee jaar ontvouwd van straatfotografie naar een kunstproject. ’Er zit iets artistieks achter, maar het is ook verwarrend. Je wordt op het verkeerde been gezet waardoor je langer naar een foto kijkt. Dan heb je een ’aha’ moment.’

Ook al is het niet zo begonnen, er zit ook een element van duurzaamheid in. ’Mensen zetten snel iets op straat, er zit een soort verspilling in. Het heeft ook iets zieligs: soms kan zo’n bankstel nog wel tien jaar mee. De gedachte erachter is dat er wel meer gedaan kan worden met spullen bij het vuilnis.’

Maas is bekend van eerdere originele en zelfbedachte kunstprojecten. Hiervoor had hij het project Gelijkgekleden: mensen die exact dezelfde bovenkleding aanhadden. Hij vertelt: ’Dan ging ik echt op jacht door de stad. Maar met resultaat! Uiteindelijk heb ik 300 stellen gefotografeerd, waarvoor er 270 in het fotoboek Gelijkgekleed staan.