Amsterdammer (85) ruilt de Rivierenbuurt in voor Bangkok

Amsterdammer (85) ruilt de Rivierenbuurt in voor Bangkok
De Amsterdamse levensgenieter Peter Haalman (80) woont al acht jaar in een hotel in de uitgaanswijk Nana in Bangkok. De verslaggever van dit verhaal was ook in Bangkok aanwezig en herkende Haalman als de jongen met wie hij was opgegroeid in dezelfde straat. Beiden hadden elkaar 65 jaar niet gezien.

De Amsterdamse levensgenieter Peter Haalman (80) woont al acht jaar in een hotel in de uitgaanswijk Nana in Bangkok. De verslaggever van dit verhaal was ook in Bangkok aanwezig en herkende Haalman als de jongen met wie hij was opgegroeid in dezelfde straat. Beiden hadden elkaar 65 jaar niet gezien.

Haalman haalt herinneringen op: ’In Amsterdam heb ik in de Kromme Mijdrechtstraat gewoond, daar heb ik ook eindexamen HBS gedaan. Hierna heb ik bij verschillende bedrijven gewerkt en uiteindelijk kwam ik terecht bij een handelsmaatschappij. Daar had ik een interessante baan: ik was directeur verkoop en moest veel reizen binnen Nederland, maar ook in Europa en Amerika. In 1987 ben ik voor het eerst naar Thailand gegaan met vakantie. Dat land beviel mij wel. Het eten, het klimaat en de mensen. Mijn idee was: als ik met pensioen ga, dan wil ik in de winter in Thailand wonen en in de zomer in Holland.’

Zo gezegd zo gedaan. Na zijn pensionering vertrok Haalman naar Thailand. ’Ik heb in dat land op verschillende plaatsen, onder andere in Phuket gewoond. Toen bleek dat ik langer in Thailand woonde dan in Nederland heb ik mijn appartement in 2010 in Amsterdam verkocht.’

Nana hotel

Hij wist al snel wat zijn nieuwe woonplek zou worden. ’Ik ben geen man voor het platteland. Ik houd van grote steden, daar valt alles te beleven. Dus ben ik in 2011 in Bangkok in het Nana hotel terechtgekomen. Daar woon ik nu acht jaar. Het wonen in een hotel heeft zijn voordelen. Omdat ik hier nu permanent woon, krijg ik een goede prijs. Elke dag een schone kamer, schone lakens, schone handdoeken, een goede wasserij: het is snel en voordelig. Ik ben 80 jaar.’

Haring en kaas

Lacht: ’Als er iets met mij gebeurt, dan vinden de kamermeisjes je snel. Of je belt naar de receptie als je je niet lekker voelt. Het bevalt mij prima. Ik heb buitenlandse vrienden die ook gekozen hebben voor het leven in Thailand. Daar ga ik mee lunchen en dineren. Het enige dat ik mis zijn haring en kaas!’

De dames in Thailand

Hij werd verliefd op een Thaise vrouw, maar dat liep niet goed af. ’De eerste jaren dat ik in Thailand was ontmoette ik een Thaise dame waar ik erg verliefd op werd. Dat had ik beter niet kunnen doen. Dat heeft mijn hele leven overhoop gegooid. Maar je leert hiervan. Ik ben drie keer getrouwd geweest en dat vind ik genoeg. Ik wil geen ballast meer, ik heb contact met dames maar dat is vrijblijvend. Ik woon alleen en dat bevalt mij prima. Ik wil me niet meer binden.’

Tolerant land

Haalman redt zich verder prima. ’Door al die jaren dat ik in Thailand woon, ken ik dat land nu wel een beetje. Ik spreek de taal redelijk, de mensen kunnen mij verstaan. De Thai zijn charmant en nationalistisch. Om 8 uur ’s ochtends en 6 uur ’s avonds wordt hier het volkslied gespeeld. Thailand is ook een tolerant land. Het Boeddhisme is een staatsgodsdienst, maar je hebt er ook moskeeën, synagoges en een protestantse begraafplaats. Als je hier als buitenlander een strafbaar feit pleegt, dan word je het land uitgezet. Als je in Holland een politieagent in het gezicht spuugt krijg je een hoop narigheid, maar dat moet je hier niet proberen. Dan word je het land uitgezet. De politie hoeft geen verantwoording af te leggen. Ik wil niet zeggen dat dat goed is, maar men heeft wel veel respect voor de politie.’

Respect voor ouderen

Ook zijn de familiebanden in Thailand sterker dan in Amsterdam en Nederland, meent hij. ’Oudere mensen worden in Nederland en in de meeste Westerse landen afgeschreven, maar hier hebben mensen respect voor ouderen, je wordt op een bepaalde manier aangesproken. Bejaarden- en verzorgingshuizen bestaan hier nauwelijks. Ouderen gaan naar de kinderen.’

Hij houdt wel vinger aan de pols over wat er in Nederland gebeurt. ’Ik ben aardig op de hoogte van wat er in Nederland plaatsvind. Ik heb een digitaal abonnement op De Telegraaf, dat vind ik de de best geïnformeerde krant; deze lees ik op de PC. Ik ben een groot fan van hun columnisten zoals Rob Hoogland, Marcel Peerenboom Voller, Leon de Winter en Nausicaa Marbee, dat vind ik kanjers. Op YouTube volg ik de politieke gebeurtenissen en kijk naar de samenvatting van Veronica Inside en verder raadpleeg ik de NOS teletekst.’

Hij besluit: ’Ik ben Nederlander en ik blijf Nederlander. Ik ben trots op Nederland. Het is een goed land met vele internationale bedrijven en dat is voor zo’n klein land uniek.’ Voorlopig keert hij niet terug naar Nederland. Hij lacht: ’Nee ik heb het hier prima naar mijn zin! Dat zie ik niet snel gebeuren, maar je weet maar nooit.’

Kees Funke Küpper

Redactie De Echo