Ab Kool vertelt jeugd in West over oorlog in zijn buurt

Ab Kool vertelt jeugd in West over oorlog in zijn buurt
Ab Kool vertelt aan Manou en Kiara van de Visserschool over de oorlog. Foto’s: Shirley Brandeis
WEST Tijdens de lessen over de Tweede Wereldoorlog komt het allemaal voorbij: de bezetting, de nazi’s, de NSB, de bombardementen, de Jodenvervolging, het onderduiken, de hongerwinter.

WEST Tijdens de lessen over de Tweede Wereldoorlog komt het allemaal voorbij: de bezetting, de nazi’s, de NSB, de bombardementen, de Jodenvervolging, het onderduiken, de hongerwinter.

Maar hoe voelde dat, oorlog, wat gebeurde er hier, in jouw straat, op jouw school en in je buurt. Dat leren kinderen uit groep 7/8 tijdens het lesproject met de toepasselijke naam Oorlog in mijn Buurt.

Twaalf jaar was Ab Kool toen de oorlog uitbrak. Aan zijn eettafel voor het raam aan de Orteliuskade – toentertijd de rand van de bebouwde stad – zitten leerlingen van de nabijgelegen Visserschool. Ze willen alles weten; moest hij onderduiken, had hij honger, heeft hij bommen gehoord, granaatscherven gevonden.

Op alles kan de inmiddels 91-jarige ja zeggen, waarbij hij in alle ernst en toch in een gezellige sfeer (sapje, koekjes en ruimte voor een grapje) vertelt over zijn ervaringen uit zijn tienerjaren.

De jongste generatie wordt tijdens de lessen van Oorlog in mijn Buurt gekoppeld aan de oudste. Ter voorbereiding krijgen de leerlingen les van deskundige gastdocenten. Alle verhalen vormen online een archief vol persoonlijke ervaringen uit een van de zwartste periodes van de Nederlandse geschiedenis.

Voedselbonnen

Dat ze de mensen die dit hebben meegemaakt zelf nog kunnen spreken, vinden Manou en Kiara uit groep 8 van de Visserschool bijzonder. Kool, die opgroeide in de Van Spilbergenstraat, heeft zelfs nog voedselbonnen, een originele krant van 10 mei 1940 en een enorme granaatscherf om te laten zien. ’Dat dat zo zwaar is. Die wil je niet op je hoofd krijgen’, zegt Manou.

Kool, die opgroeide in de Van Spilbergenstraat, heeft zelfs nog voedselbonnen, een originele krant van 10 mei 1940 en een enorme granaatscherf om te laten zien.

Kool vertelt over de gaarkeuken waar je maaienpap (pap met ’dingetjes’) kon krijgen. Over het luik in zijn kamer waar hij onder de vloer kon schuilen als ze hem, een gezonde jongeman die best in Duitsland kon gaan werken, zouden halen. Over de geallieerde soldaten die over de Hoofdweg reden toen Nederland bevrijd was.

Of hij het niet moeilijk vindt, al die nare herinneringen weer te beleven, willen de kinderen weten. Kool schudt zijn hoofd. ’Het is belangrijk dat het verteld wordt. Het was één grote moordpartij. Dat moeten we niet weer meemaken.’

Amsterdammers die ook hun herinneringen aan de oorlog willen delen met kinderen, kunnen contact opnemen met Oorlog in mijn Buurt. Op www.inmijnbuurt.org staat meer informatie of mail: [email protected] of bel: 06 816 834 18.